CG – 6.2.7 | ENNIA, NETJETS EN REISKOSTEN

CG – 6.2.7 | ENNIA, NETJETS EN REISKOSTEN

Deze blog gaat over de casus Ennia en behandelt specifiek het vonnis van 29 november 2021, zaaknummers CUR201902842 / 3843 / 3796 / 3844 / 3845 / 3846. Het vonnis zelf telt 88 pagina’s. Deze blog is 1 uit een serie van blogs die elk afzonderlijk zullen ingaan op vonnissen behorende bij deze spraakmakende zaak. Dit is overigens een vonnis in eerste aanleg. Er loopt nog een hoger beroep. Er is ook een tussenvonnis met een deels andere insteek, maar dat komt in een andere blog.

Ik heb al eerder gezegd dat dit een rijk vonnis is. Er zijn veel governance-lessen verpakt in dit 88-pagina’s tellend vonnis.  In deze blog zal ik inzoomen op de “reis en verblijfkosten” en de “Netjets”.

FEITEN

In het Ennia-vonnis gaat het vaak over grote thema’s: solvabiliteit, beleggingen, Mullet Bay, S&S en de bescherming van polishouders. Maar tussen die grote onderwerpen zitten ook kostenposten die governance-technisch veel zeggen. Twee daarvan zijn de reis- en verblijfkosten van de Raad van Commissarissen en de kosten rond NetJets.

Eerst de reis- en verblijfkosten. Volgens het vonnis bedroegen de reis- en verblijfkosten en kosten van bijeenkomsten van de Raad van Commissarissen van Ennia Holding over de periode 2006 tot en met 2018 ongeveer NAf 4.437.203. De Raad van Commissarissen vergaderde volgens het vonnis twee à drie keer per jaar. Daarnaast waren er ook commissarisbeloningen en bonussen, maar die vormen juridisch een aparte post, welke ik in een eerder blog al heb behandeld. Voor dit onderdeel ging het specifiek om de vraag of de reis-, verblijf- en representatiekosten buitensporig waren.

Dan de NetJets. Ennia Investments participeerde in 2007 en 2008 in twee vliegtuigen uit de NetJets-vloot. NetJets is een aanbieder van privévluchten. Voor die participatie betaalde Ennia Investments NAf 9.168.250. In 2014 werd opnieuw een overeenkomst gesloten voor 12,5% van de rechten op een Cessna en 12,5% van de rechten op een Bombardier. Daarvoor werd, na inruil van oude aandelen, NAf 4.649.792 betaald. De waarborgsom van NAf 728.000 voor de oude vliegtuigen werd teruggestort aan Ennia Investments. Opvallend detail: in de overeenkomst stond Ansary vermeld als “owner’s principle contact”. Verder betaalde Ennia Investments tussen 2007 en 2017 gemiddeld ongeveer NAf 2 miljoen per jaar voor het gebruik van de vliegtuigen.

GESCHIL

Het verwijt van Ennia was eigenlijk straight forward. Volgens Ennia pasten dit soort uitgaven niet bij een Nederlands-Caribische verzekeraar. Zeker niet bij een verzekeraar met een belangrijke maatschappelijke rol en duizenden polishouders.

Voor de reis-, verblijf- en representatiekosten stelde Ennia dat er over 12,5 jaar NAf 3.128.203 aan buitensporige kosten was uitgegeven. Dat zou volgens Ennia niet verantwoord zijn geweest.

Voor NetJets was het verwijt scherper. Ennia stelde dat het gebruik van privévliegtuigen niet voor de hand lag voor een verzekeraar als Ennia. Ook zouden de kosten te hoog zijn geweest. Daarnaast stelde Ennia dat Ansary privé gebruik had gemaakt van de vliegtuigen. Ennia vorderde voor NetJets twee schadeposten: NAf 8.088.785 als verschil tussen aan- en verkoopprijs, en NAf 19.633.497 aan jaarlijkse gebruikskosten.

OORDEEL

Het gerecht maakte een duidelijk onderscheid tussen de reis- en verblijfkosten enerzijds en NetJets anderzijds.

Bij de reis-, verblijf- en representatiekosten vond het gerecht de onderbouwing van Ennia onvoldoende. Ja, het ging om een fors bedrag. Maar een fors bedrag is juridisch nog niet automatisch een ernstig verwijt. Ennia had volgens het gerecht onvoldoende aangetoond waarom deze kosten zó buitensporig waren dat de betrokken bestuurders of commissarissen daarvoor aansprakelijk moesten worden gehouden. Dit onderdeel van de vordering werd daarom afgewezen.

Bij NetJets lag dat totaal anders. Het gerecht oordeelde dat uit de stukken niet anders kon worden geconcludeerd dan dat voor miljoenen aan onzakelijke en excessieve uitgaven ten laste van Ennia Investments waren gedaan. Er was niet aangetoond dat privévliegtuigen op enig moment belangrijk waren voor de bedrijfsvoering van Ennia. Dat Ansary in de Verenigde Staten woonde, vond het gerecht onvoldoende reden. Ook waren er vluchten tussen de Verenigde Staten en bestemmingen in Europa. Die hadden volgens het gerecht geen enkel verband met Ennia en leken te zijn gemaakt door Ansary en/of zijn echtgenote. Ansary stelde dat hij deze vluchten zelf had betaald, maar leverde daarvoor geen bewijs.

Het gerecht formuleerde het stevig: geen redelijk handelend en behoorlijk toegeruste bestuurder had deze excessieve betalingen kunnen doen, zeker niet gelet op de aard van Ennia als verzekeraar. Ook als Ansary sommige privévluchten zelf zou hebben betaald, bleef het probleem bestaan dat Ennia onnodig hoge kosten betaalde voor de mogelijkheid om privévliegtuigen te gebruiken.

De aansprakelijkheid werd vervolgens per bestuursperiode toegerekend. Ansary werd als feitelijk bestuurder over de hele periode aansprakelijk gehouden. Van Doorn, Andraous en Palm werden aansprakelijk gehouden voor de jaren waarin zij het volledige jaar statutair bestuurder waren. Nina Ansary werd voor NetJets niet aansprakelijk gehouden, omdat onvoldoende bleek dat zij als toezichthouder wist van deze miljoenenkostenpost.

GOVERNANCE LESSEN

De belangrijkste les uit dit onderdeel is dat governance niet alleen gaat over grote investeringsbeslissingen. Governance zit ook in kostenbewaking. In declaraties. In reisbeleid. In de vraag of een uitgave zakelijk uitlegbaar is.

Een verzekeraar is geen gewone commerciële onderneming. Een verzekeraar beheert vertrouwen. Zeker wanneer pensioenpolishouders afhankelijk zijn van de soliditeit van de instelling. Dan moet iedere grote kostenpost “sober”, verdedigbaar en controleerbaar zijn.

De reis- en verblijfkosten laten zien dat je als eiser goed moet onderbouwen waarom kosten juridisch verwijtbaar zijn. Alleen zeggen dat iets duur is, is niet genoeg. Je moet aantonen waarom het onzakelijk, buitensporig en verwijtbaar is.

NetJets laat het tegenovergestelde zien. Daar was volgens het gerecht de zakelijke noodzaak onvoldoende zichtbaar. De kosten waren hoog. Het privé-element was niet goed weerlegd. En de aard van de onderneming maakte de norm strenger.

De governance-les is helder: luxe binnen een organisatie is niet per definitie fout. Maar luxe zonder zakelijke noodzaak, zonder goede documentatie en zonder scherp toezicht wordt al snel een rode vlag. Zeker bij een financiële instelling. Dan is de vraag niet: “Kunnen we het betalen?” De vraag is: “Kunnen we dit uitleggen aan de polishouder?”

 


JURIDISCHE ANALYSE PER DEELVORM

Deelvorm Kernverwijt Bedrag / omvang Oordeel gerecht Aansprakelijkheid Juridische kern
Reis-, verblijf- en representatiekosten RvC Kosten zouden buitensporig zijn Volgens Ennia: NAf 3.128.203 over 12,5 jaar; feitelijk ook genoemd: circa NAf 4.437.203 aan reis-, verblijf- en bijeenkomstkosten over 2006–2018 Afgewezen Geen aansprakelijkheid op dit onderdeel Onvoldoende onderbouwd dat deze kosten een ernstig verwijt opleveren
NetJets participatie 2007/2008 Deelname in privévliegtuigen paste niet bij bedrijfsvoering verzekeraar NAf 9.168.250 Meegenomen in oordeel dat sprake was van onzakelijke en excessieve uitgaven Ansary over hele periode; Van Doorn voor zijn volledige bestuursjaren Geen redelijk bestuurder had dit, gelet op aard van Ennia, kunnen doen
NetJets overeenkomst 2014 Nieuwe rechten in Cessna en Bombardier NAf 4.649.792 na inruil oude aandelen; waarborgsom NAf 728.000 teruggestort Meegenomen in schadepost verschil aan- en verkoopprijs Ansary, Andraous en Palm voor 2012–2018 Zakelijke noodzaak onvoldoende aangetoond
NetJets gebruikskosten Jaarlijkse kosten voor gebruik privévliegtuigen Gemiddeld circa NAf 2 miljoen per jaar; gevorderd NAf 19.633.497 Toegewezen als excessieve uitgave Toegerekend per bestuursperiode Gebruik privévliegtuigen niet nodig voor bedrijfsvoering
Privégebruik / zonbestemmingen Vluchten hadden geen Ennia-verband Geen afzonderlijk bedrag genoemd, maar onderdeel van verwijt Door gerecht zwaar meegewogen Ansary aansprakelijk; Nina Ansary niet op dit punt Privébelang en ondernemingsbelang liepen door elkaar
Toerekening schade NetJets Wie betaalt welk deel? 2008: Ansary NAf 1.727.365; 2009: Ansary NAf 1.910.625; 2010: Ansary en Van Doorn NAf 2.319.730; 2011: Ansary NAf 1.884.791; 2012–2018: Ansary, Andraous en Palm NAf 19.879.770 Toegewezen Hoofdelijke aansprakelijkheid waar meerdere bestuurders in hetzelfde jaar aansprakelijk zijn Aansprakelijkheid gekoppeld aan feitelijk bestuur en statutaire bestuursperiode

 


Dieudonne (Neetje) van der Veen is financieel en management bedrijfsadviseur. Zijn werk en ervaring liggen vooral op het gebied van financieel management en structurering van bedrijven in nood en Governance on Planning & Control-cycli.

De heer van der Veen heeft een masterdiploma bedrijfseconomie (Erasmus Universiteit Rotterdam), is Registeraccountant (Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants), CFE (Certified Fraud Examiner) en CICA (Certified Internal Control Auditor).

Share This Post

Leave a Reply